St. Annaland en benedensas

Met de insteek dat we plekjes wilden bezoeken waar we nog niet eerder zijn geweest, stond zaterdag St. Annaland op het programma. Nog steeds zout water, vlak voor de insteek naar de Grevelingen ga je stuurboord uit de Krabbenkreek in en na 2-3 mijl komt St. Anna in zicht. We zeilden lekker op alleen de high-aspect, alle tijd om de omgeving in ons op te nemen en omdat we wat vóór laag water aankwamen lagen de slikken mooi open en zagen we een cluster van zes zeehondjes zonnebaden langs de rand van het terugtrekkende water.

Goed kijken 🙂 … ze liggen er echt!

St. Annaland is een leuk plekje voor een nachtje of twee. Niets mis met de marina, het uitzicht vanaf de dijk op de Krabbenkreek is met laag – én hoogwater ontzettend mooi – maar het plaatsje zelf heeft bijzonder weinig. Als je Google’t op ‘bezienswaardigheden St. Annaland’ lijkt de enige toeristentrekker een oude molen te zijn :).

Vanuit St. Annaland varen we door naar één van de mooiste plekjes in Nederland, de kleine verenigingshaven van WSV Volkerak in Benedensas. De grote meute gaat na de sluizen aan de westkant van het Noordergat door, aan de oostkant ligt de aanloop van Benedensas. Het aantal passantenplekjes is zeér beperkt, maar wij zijn redelijk vroeg en hebben een boxje voor het ‘havenkantoor’. Geen permanente havenmeester, één van de leden komt ‘s avonds langs op het havengeld te innen en pinnen kun je niet vanwege het slechte telefoonbereik. Kun je niet zonder WiFi of online Netflix? Doorvaren 🙂 …. Bootschappen moet je doen in Steenbergen, dat kun je het beste met de boot doen over de Steenbergse Vliet – afmeren achter de Albert Heyn. Echt waar.

Aanloop naar Benedensas
Vanuit de kuip uitkijken over de Dintelse Gorzen
Gerestaureerd sluisje uit 1825

Colijnsplaat – zierikzee – yerseke

Vanuit de Roompot schutten we vroeg (waarom staat de stroom altijd zo vroeg de goede kant op … 🙂 )door de Roompotsluis, op weg naar Oostende. Helaas heeft Ellis het niet naar haar zin, en bij Westkapelle besluiten we om te draaien. Tegen de stroom in terug naar de Oosterschelde, en we varen na binnenkomst een stukje door, naar Colijnsplaat. Nog nooit geweest, maar prima verenigingshaven met een goed restaurant op de wal!

Lunchen, uitkijkend over de Oosterschelde en jachthaven Colijnsplaat

De volgende dag besluiten we even over te hoppen naar Zierikzee. Altijd gemeden door mij, ik heb er lang geleden een paar dagen verwaaid en verregend gelegen – en had er géén goede herinneringen aan :). Gelukkig lopen we redelijk vroeg binnen en worden door de havenmeester in zijn bootje naar de lange steiger gedirigeerd – ‘s avonds liggen we 7-8 dik gestapeld … maar het zonnetje schijnt, en zo af-en-toe is dat best gezellig, zeker als het rustig weer is. Ik stel mijn mening over Zierikzee bij :)!

Museumhaven in Zierikzee

Nu we de Engeland-plannen even in de koelkast hebben gezet, besluiten we zoveel mogelijk plaatsen aan te doen waar we nog niet eerder zijn geweest – als eerste duiken we het Oostelijke deel van de Oosterschelde op met als uiterste bestemming Yerseke. Van verschillende mensen gehoord dat het een leuk plaatsje is, en zo niet: de mossel- en oesterbanken er omheen garanderen de verste zeevruchten:). ‘s Middags zitten we inderdaad aan uitstekende mosselen (ik dan, is aan Ellis niet besteedt).

Verser kan niet, denk ik … ze waren inderdaad erg lekker!