Blankenberge na de drukte

Als we de 30e mei wakker worden, regent het … en het houdt niet op met regenen. Daar wordt je al niet vrolijk van, en om het af te maken weigert nu ook het gasfornuisje dienst! Gelukkig zit er bij de marina een heel klein scheepswinkeltje waar ik een reserve-regulator kan krijgen.
We wachten binnen op het moment dat het droog wordt (komt niet …), lezen wat, drinken maar weer de zoveelste kop koffie bij Ans en Rob aan boord en bestuderen weerberichten, stroomatlassen, TeleTekst om te kijken wanneer de omstandigheden verbeteren.
Ans en Rob worden het ook zat en gebruiken een droog moment om over te steken naar Hellevoetsluis. Wij twijfelen nog steeds en besluiten nog even te blijven liggen.
Als het rond 18.00 uur eindelijk wat opklaart, starten wij ook de motor en leggen de boot door de sluis alvast aan de buitensteiger neer. Dan zijn we alvast buiten!

In de sluis zijn we de enige … gelukkig maar, want het gaat prompt fout: Anita geeft mij keurig de nylon achterlijn en loopt naar voren voor de voorlijn – al 100 + keer gedaan. Op de een of andere manier raak ik de gashendel, de boot schiet naar voren en ik probeer héél even om haar tegen te houden met de lijn die ik vast heb, totdat een brandend gevoel me doet besluiten om de lijn snel los te laten … te laat, er staan een paar joekels van brandblaren in mijn hand en ons toch al niet zo zonnige humeur daalt tot ver onder het vriespunt!

We hebben nu in vijf dagen al meer narigheid dan twee jaar geleden in 5 maanden. We merken ook dat we er weer ‘in moeten komen’ – het gaat allemaal nog niet zo soepel.
Goed dat we toch maar voor een paar rustige startdagen hebben gekozen.

De 31e gaat om 04.30 uur de wekker – en het ziet er redelijk uit buiten. Het is al licht, en we varen na een kop koffie eigenlijk direct weg, met Blankenberge als doel. Gaat het niet, dan kunnen we uitwijken naar de Roompot, of later Vlissingen of Breskens.
Het zit vandaag wél mee: het wordt mooi weer, we moeten even motorzeilen (er staat net iets te weinig wind), maar later trekt de wind zelfs lekker aan tot een stevige 3 BF en kan het torretje uit.

We komen eerder aan in Blankenberge dan we hadden verwacht, en zitten rond 15.00 uur in korte broek en T-shirt achter een Belgisch witbiertje – in een haven waar de Pinkster-dagendrukte over is en we ruim plaats hebben aan de steiger.
We genieten nog even van het lekkere weer en maken een kort wandelingetje over de boulevard en kunnen ook nog even boodschappen doen.

Waarom iedereen altijd zo lyrisch is over Blankenberge (tijdens de Pinksterdagen hebben ze hier weer 4-5 rijen dik gelegen, onderweg zagen we ook heel veel schepen op ‘de terugweg’) ontgaat ons vooralsnog, maar misschien zijn we wat te moe na een lange dag …

De buitensteiger in Stellendam

De 28e mei zijn de wind-voorspellingen zowat ideaal: zuid-oost wordt aangegeven, op een zuid-westelijke koers voor zeilers een perfecte ‘halve wind’ – maar de wind doet van alles, behalve uit zuid-oost waaien.

Het is wel heerlijk weer, en we scharrelen langs de kust richting Scheveningen. Als we Scheveningen naderen, zien we al massa’s zeiljachten voor de kust … ja hoor, de North Sea regatta wordt gezeild en de haven ligt dus mud-vol, er is geen plaats meer.

We varen dus noodgedwongen door naar Stellendam (Goeree), hebben lekker de stroom mee en ook de wind trekt ook wat aan. Al met al géén slechte zeildag, van 08.30 uur tot 20.30 uur op het water!

We overnachten aan de steiger in de buitenhaven, maar de volgende ochtend varen wij toch de sluis door naar de marina en lassen een rust- en kleine karweitjes-dag in.

Het is mooi weer en er staat géén wind, de zee op heeft geen zin!

De 29e mei is luierend besteedt aan in het zonnetje zitten, het wassen van de boot en het verrichten van wat kleine karweitjes. Helaas zijn de weersberichten voor de komende dagen, voorzichtig uitgedrukt, niet zo gunstig … de wind is óf “variabel” en 2 BF (op zee te weinig) óf Zuid-West (tegen…).

Ook de stroming rond de Zeeuwse eilanden werkt de komende dagen niet mee: óf we moeten 03.00 uur ’s nachts vertrekken óf rond 15.00 uur ’s middags, wat weer weinig ruimte overlaat.
Stroom tegen is niet zo erg als je kunt zeilen, maar als je moet kruisen vanwege tegenwind én de stroom staat tegen, dan kun je beter binnenblijven.

Vertrek Sailabout 2004

We hebben een voorlopige vertrekdatum voor onze zeiltrip gepland: de 26e of 27e mei willen we Monnickendam verlaten, om via IJmuiden de Noordzee op te duiken. Als voorlopige bestemming hebben we Bretagne en de Vendée in ons hoofd.

Nu de datum vast staat is natuurlijk de weken voorafgaand aan de geplande datum het weer perfect: het zonnetje schijnt regelmatig, de wind is Noord-Westelijk en een vriendelijke 3-5 BF. Als we straks echt de landvasten losgooien is het waarschijnlijk regenachtig en is de wind gedraaid naar Zuid-West (tegen, dus…). Tenzij de omstandigheden ideaal blijken te zijn, zullen we wel een paar ‘inslinger-dagen’ inlassen. Het vraagt toch altijd weer even tijd voor je helemaal gewend bent, en alle spullen echt zeevast zijn weggeborgen. Ik heb ook liever dat evt. tekortkomingen zo aan het licht komen in plaats van op ‘volle zee’.

De week voor vertrek hadden we nog een electrische storing, eenvoudig verholpen – maar het kostte wel wat tijd en een stilliggend schip…. Woensdag 26 mei ‘schepen we in’ en beginnen met het opbergen van de kleding, de boodschappen, de kilo’s drop die we van familie en vrienden hadden gekregen.

Met de voorraad drop, wijn, en (wit)bier maakt de Silmaril al slagzij naar stuurboord vóór we vertrokken zijn. Als we eindelijk alles hebben opgeborgen, het schip aan kant hebben gemaakt, zeilhuiken afgehaald en opgeborgen, staan we klaar om de touwtjes los te gooien.
Als ik op de startknop van de motor druk gebeurt er echter helemaal niets … een fijn begin, hoor! De eerste vloeken vallen al vroeg!

Na wat telefoontjes met monteurs (druk, druk, druk …”klinkt als start-motor, mijnheer”) en Rob en Ans (waarmee we zouden opvaren naar IJmuiden) duiken we na overleg met de familie-monteur (Hein van Vessum) maar weer onder de luiken en schotten … en verdomd, na het vastdraaien en invetten van de massakabel slaat de motor keurig aan!

Inmiddels loopt het alweer richting 13.00 uur en IJmuiden halen we sowieso niet meer. De Baroedan van Ans en Rob is ook uitgeweken en de Gouwzee opgevaren – we besluiten samen lekker in Marken te gaan liggen en morgen weer een poging te wagen.

Het is nog rustig in Marken, normaal is het vechten voor een plekje, maar nu liggen we broederlijk naast elkaar (en Rob wist natuurlijk precies wáár we stroom konden pikken …)

Op de 27e mei steken we via het Markermeer en Noordzeekanaal binnendoor naar IJmuiden, of beter gezegd Beverwijk – waar we achter het ‘pannekoekenschip’ afmeren.
We leggen de scheepsvoorraden bij elkaar en maken Thaise nassi, met als toetje ijs uit de ijssalon van Bart Persoon – de jongste zoon van Ans en Rob, die even langs komt en een liter ijs meebrengt.